Ile la Cite

Het Ile de la Cité is de wieg van Parijs en het hart van de hoofdstad. Door zijn geschiedenis, architectuur en bijzondere ligging is dit eiland een van de meest bezochte bezienswaardigheden van Parijs.

De wijk ligt namelijk op een eiland midden in de Seine, in het hart van de stad. Het indrukwekkendste monument is hier ongetwijfeld de Cathédrale Notre Dame, op de voet gevolgd door de beeldschone Sainte Chapelle. Cite betekent de zetel van het Parlement, de hoogste rechtsprekende macht van het toenmalige koninkrijk, waarvan de naam van de wijk is afgeleid.
Tussen 250 en 200 v Chr. ontdekten Gallische vissers van de stam der Parisii het grootste eiland in de Seine en bouwden er hutten. Zo ontstond Lutetia, een Keltisch woord voor werf aan de rivier. In 52 v.Chr. werd de nederzetting door de Romeinse legioenen van Labienus veroverd. De Gallo-Romeinse stad dankte zijn welvaart aan de binnenschippers. Het scheepje dat later in het wapen van de stad is opgenomen, herinnert zowel aan de vorm van het eiland als aan dit middel van bestaan van de eerste bewoners. Als bewijs van hun aanwezigheid is een van hun heidense altaren onder de Notre Dame gevonden. In 360 werd de Romeinse prefect Julius de Afvallige door zijn legioenen tot keizer uitgeroepen. Bij die gelegenheid kreeg de stad de naam van zijn bewoners, afgekort tot Paris. In 451 stak Attila met 700.000 man de Rijn over. Toen hij Laon had bereikt, sloegen de Parijzenaars op de vlucht. Geneviève, een jong meisje uit Nanterre dat haar leven aan God had gewijd, stelde hen gerust met de belofte dat de stad door tussenkomst van de hemel gespaard zou worden. De Hunnen naderden Parijs, aarzelden en sloegen af naar Orléans, waarop de Parijzenaars Geneviève tot beschermheilige van de stad uitriepen. Tien jaar later werd het eiland belegerd door de Franken en heerste er hongersnood. Geneviève ontsnapte aan de aandacht van de vijandelijke wacht, laadde boten met proviand in de Champagne en keerde als door een wonder onopgemerkt terug. Zij stierf in 512 en werd naast koning Clovis begraven.

Île-de-la-Cité1

In 885 voeren de Noormannen de Seine op, voor de vijfde keer in 40 jaar. De Cité, de naam die het eiland in 506 had aangenomen toen Clovis er de hoofdstad op vestigde, moest het hoofd bieden aan 700 schepen met aan boord 30.000 manschappen die van plan waren Bourgondië te plunderen. Toen noch hun aanvallen noch hun beleg enig resultaat opleverde, sleepten de Noormannen hun boten aan wal, plaatsten ze op houten rollers en vervoerden ze zo naar een plek stroomopwaarts van de hoofdstad. Eudes, graaf van Parijs en leider van het verzet, werd daarop tot koning gekozen.
Tijdens de Middeleeuwen nam de bevolking sterk toe en de mensen gingen zich ook op beide oevers van de Seine vestigen. Tot 1622 had Parijs geen eigen bisschop en bleef voor het kerkelijk gezag onder het bisdom Sens vallen. Het aantal scholen in de buurt van de kathedraal groeide echter snel. Vele ervan werden over heel Europa bekend. Een van de leraren was Alexander van Parijs, de geestelijke vader van de 12-voetige versregel of alexandrijn. De vertederende romance tussen Héloïse, een nicht van de kanunnik Fulbert en de filosoof Abélard, ontlook in het begin van de 12de eeuw in het klooster van de Notre-Dame. Er verrezen steeds meer kapellen en kloosters op het eiland, zoals St-Denis-du-Pas, waar het martelaarschap van de H. Denis zou zijn begonnen. St-Pierre-aux-Boeufs waarvan het portaal nu deel uitmaakt van de Église St Severin, Eglise St-Aignan en St Jean-le-Rond, waar ongewenste kinderen te vondeling werden gelegd. Tegen het einde van de 13de eeuw verrezen er minstens 22 klokkentorens op het eiland. De Cité, zetel van het Parlement, de hoogste rechtsprekende macht van het koninkrijk, raakte onvermijdelijk betrokken bij staatsgrepen en opstanden, zoals in de 14de eeuw die van Étienne Marcel en de Fronde in de 17de eeuw. Tijdens de terreur van 1793-1794 waren de gevangenissen van de Conciergerie overvol. In het aangrenzende gerechtshof bleef het tribunaal van de Revolutie genadeloos veroordelingen uitspreken.

Onder Louis-Philippe en nog meer onder Napoleon III werd het hele centrum van het eiland afgebroken en 25000 mensen moesten verhuizen. Grote overheidsgebouwen verrezen op de plaats van de oude bebouwing, zoals het Hotel-Dieu, de handelsrechtbank en een kazerne waar het hoofdcommissariaat van politie is ondergebracht. Het Palais de Justice werd tweemaal zo groot, de Place du Parvis vóór de kathedraal viermaal zo groot en de Boulevard du Palais werd wel tien keer zo breed als voorheen.

In La Cite vindt u:
Notre Dame met alle bezienswaardigheden
Sainte Chapelle met alle bezienswaardigheden
Place Louis Lepine
Hotel-Dieu
Pont St. Michel
Place Dauphine
Pont Neuf
Square du Vert Galant

google_street_view_logo

icon-car.pngKML-LogoFullscreen-LogoQR-code-logoGeoJSON-LogoGeoRSS-LogoWikitude-Logo
la Cite

loading map - please wait...

la Cite 48.854459, 2.347621